Zorgverbreding



Passend onderwijs / Ondersteuningsprofiel / Zorgstructuur / Plusbeleid

Artikel 8 lid 4 WPO (Wet Primair Onderwijs) geeft aan: Ten aanzien van leerlingen die extra zorg behoeven, is het onderwijs gericht op individuele begeleiding die is afgestemd op de behoeften van de leerling.

In lid 8 staat: De scholen voorzien in een voortgangsregistratie omtrent de ontwikkeling van leerlingen die extra zorg behoeven.

In ons schoolondersteuningsprofiel (SOP   zie onder)) hebben wij in kaart gebracht wat wij aan mogelijkheden, grenzen en ambities hebben ten aanzien van de ondersteuning van leerlingen met extra onderwijsbehoeften. Elke leerling is echter uniek, dus zullen we altijd per leerling nagaan welke onderwijsbehoeften de leerling heeft en of en hoe wij daar aan kunnen voldoen. Indien nodig kunnen wij voor extra ondersteuning een beroep doen op het samenwerkingsverband passend onderwijs in onze regio. In het ondersteuningsplan van het samenwerkingsverband ( zie http://www.pozv.nl  ) welke ondersteuning alle scholen zelf moeten bieden (basisondersteuning) en voor welke ondersteuning, onder welke voorwaarden, we bij het samenwerkingsverband terecht kunnen. Alvorens we hulp van buitenaf inroepen gaan we aan de slag binnen onze eigen mogelijkheden. We geven hierna beknopt weer op welke wijze de structuur op onze school functioneert.

 

Voor kinderen die extra zorg behoeven is in de afgelopen jaren een solide basis gelegd in de vorm van een samenhangend systeem van leerlingenzorg. Het systeem heeft de volgende kenmerken:
 


 300_handelingsgericht_werken.png

 

In onze school volgen de leerkrachten de ontwikkeling (met name van de basisvaardigheden en sociaal-emotionele ontwikkeling) systematisch en signaleren problemen hierin tijdig. (1)

Drie maal per jaar worden de gegevens van de kinderen in voortgangslijsten verzameld. In de groepen 1 en 2 wordt gebruik gemaakt van het groepsoverzicht van de KIJK!- registratie. We werken met groepsoverzichten en groepsplannen (voor rekenen, spelling en lezen)  per groep. (1), (2), (3) , (4) en (5)

De gegevens van de leerlingen worden volgens een vaste procedure besproken en nader geanalyseerd. (2), (3) , (4

De leerkracht stelt samen met de intern begeleider aan de hand van de verzamelde gegevens acties op om het onderwijs aan de behoeften van leerlingen aan te passen, met het oog op het realiseren van minimum en aanvullende doelen. (3) , (4) en (5)

De acties kunnen bestaan uit aanpassingen in de klas als verlengde instructie, extra oefenstof e.d., een plan voor RT in de klas of een plan voor RT buiten de groep. De acties worden altijd met de ouders besproken, een plan voor RT buiten de groep wordt altijd na overleg met de ouders vastgesteld en na schriftelijke toestemming van de ouders uitgevoerd. Onze voorkeur gaat uit naar uitvoering van het plan binnen de klas. Door het invoeren van het werken met groepsplannen zal er minder met RT gewerkt worden en meer pro-actief actie worden ondernomen. (6)

Bij zowel analyse als planning maken leerkrachten c.q. de school gebruik van de deskundigheid en de ervaring van collega's binnen het samenwerkingsverband (ZAT) en/of van externe deskundigen. Zo kan een leerling ingebracht worden in de Handelingsgerichte Procesdiagnostiek waarbij leerkracht, Intern begeleider en extern deskundige vanuit de  schoolbegeleidingsdienst hulpvragen in kaart brengen en doelen en acties formuleren. Ook blijft in sommige gevallen ambulante begeleiding vanuit REC’s  mogelijk. (3) , (4) en (5)

Ons uitgangspunt is dat leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften de meeste voortgang boeken als zij zo lang mogelijk bij het programma van hun basisgroep worden gehouden, zo nodig aangevuld met geïntensiveerde oefening en instructie. In sommige situaties wordt een leerling vanwege specifieke onderwijsbehoefte geheel of gedeeltelijk losgekoppeld van het reguliere curriculum van de groep en heeft het een eigen leerlijn. Het is mogelijk dat besloten wordt dat een dergelijke leerling niet meedoet met de reguliere eindtoets, de niveautoets en de reguliere tussentijdse toetsen. Wanneer de school besluit tot loskoppeling, wordt voor de leerling een ontwikkelingsperspectief opgesteld. De school toont aan en verantwoordt dat dit het gevolg is van beperktere capaciteiten. Het ontwikkelingsperspectief wordt zodanig opgesteld, dat kan worden beoordeeld of leerlingen vorderingen maken.

De leerkracht evalueert samen met de intern begeleider de uitvoering van de acties en plannen en zorgt ervoor dat de voortgangsbeslissingen worden genomen. (1)

Vaak is onze aandacht vooral gericht op de zwakke leerlingen. Onderwijs op maat houdt echter ook in dat we rekening houden met (hoog)begaafde kinderen. Wij willen ook aan de pedagogische en didactische behoeften van deze kinderen tegemoet komen. In de afgelopen jaren is ook in het begeleiden van deze kinderen ervaring opgedaan. Hoe we omgaan met (hoog)begaafde kinderen staat beschreven in het Plusplan ProBaz.

Enkele punten daaruit die specifiek gelden voor onze school:

 

Onderwijs aan hoogbegaafde kinderen kan op verschillende manieren vorm gegeven worden.

Zo is het mogelijk om deze kinderen voornamelijk apart (buiten de groep) onderwijs te geven, zoals bv. bij de ‘Leonardoscholen’. Hoogbegaafden kunnen echter ook extra aandacht bínnen de groep krijgen. Op onze school geven we de voorkeur aan deze benadering omdat:

We ervan uit gaan dat alle niveaus binnen de groep een  plaats moeten hebben.

Hoogbegaafde kinderen in de maatschappij ook met iedereen moeten kunnen samenwerken.

Het plaatsen van een kind buiten de groep een afgewogen toelatingsprocedure vergt  en ook

 wachttijd.  Binnen de groep kunnen deze kinderen direct aangepaste leerstof krijgen.

 

Hieronder geven we aan welk beleid we op school ontwikkeld hebben met betrekking tot integratie van leerlingen met een handicap.

 

Niet enkel door de invoering van Passend onderwijs is door bevoegd gezag, MR en leerkrachten nagedacht over het plaatsen van gehandicapte kinderen. Ook daarvoor volgden gehandicapte kinderen het onderwijs op onze school. Het leerkrachtenteam heeft een positieve intentie t.a.v. integratie van gehandicapte leerlingen. Dat heeft te maken met een drietal zaken: Allereerst denken we dat, vanuit onze missie,  we als scholen, en mensen die daarin werken, open moeten staan voor een samenleving waarin aandacht is voor gehandicapten. Daarnaast denken we dat het voor de andere kinderen op school een verrijking kan zijn om samen school te gaan met kinderen met een handicap. Tot slot menen we dat zolang mogelijk schoolgaan in de beschermde dorpsomgeving (zie visie) ook voor leerlingen met een handicap mogelijk moet zijn.

We benadrukken wel dat bij het schoolgaan van een gehandicapt kind, voorop dient te staan het belang van het kind en daarnaast de mogelijkheden die de school heeft om de juiste zorg en aandacht aan dit kind te besteden. Op onze school wordt bij een aanmelding van een gehandicapte leerling:

 

 Ervan uitgegaan dat het een leerling uit het “voedingsgebied” van de school betreft. (we willen een school zijn voor de kinderen uit de directe schoolomgeving)

 In een intakegesprek met de ouders de behoefte aan begeleiding en zorg doorgenomen.

Aan de hand van een aantal aandachtspunten de hulpvraag van het kind en de     consequentie van plaatsing doorgenomen.

Vervolgens wordt aan de hand van deze vragen en consequenties bezien of de school in staat is de juiste onderwijskundige antwoorden en de juiste zorg en begeleiding  te bieden. De school zal bij die beantwoording gebruik maken van de ondersteuning  van bijvoorbeeld een school aangesloten bij een Regionaal Expertise Centrum en/of van de mogelijkheden die het samenwerkingsverband Passend Onderwijs biedt.  Centraal in de beantwoording staan het belang van het aangemelde kind en de mogelijkheden van de school om het ontwikkelingsproces van het kind te ondersteunen door het aanbod van een passende onderwijsleersituatie. Soms zal gezocht moeten worden naar een passend onderwijsaanbod binnen het geheel van het “Samenwerkingsverband Passend Onderwijs Zeeuws-Vlaanderen”.

 

Op onze school hebben verschillende leerkrachten door studie/nascholing de kennis en kunde opgedaan om aan leerlingen met achterstanden adequate hulp te kunnen bieden. Zij zijn dus de aangewezen personen om leerlingen te begeleiden en samen met de collega's te praten over bijvoorbeeld aanpassingen van de leerstof voor een "zorgleerling"  in de klas.

 

 

Ons SOP:

School Ondersteuning Profiel CBS De Torenberg

                                                                            Missie

Het   bieden van passend onderwijs aan leerlingen in de leeftijd van 4 t/m 12 jaar.  

Visie

Op   onze scholen staat de ontwikkeling van het kind centraal. We stemmen ons   onderwijs zoveel als mogelijk af op datgene wat het kind nodig heeft. In de   praktijk houden we rekening met de individuele verschillen tussen leerlingen.   Als het nodig is krijgen leerlingen een aangepaste leerweg, extra   ondersteuning of een meer uitdagend onderwijsprogramma aangeboden.

CBS   De Torenberg wil uitdrukkelijk een school zijn voor de kinderen die in   Zaamslag en omgeving wonen. Naar school kunnen gaan in je eigen woonomgeving   zien we als een belangrijke voorwaarde om op te kunnen groeien in een   gemeenschap waar men ”kent en gekend” wordt. Als opdracht zien we dan ook dat   we ons zoveel mogelijk specialiseren in leer- en gedragsproblemen die   kinderen die bij ons op schoolgaan ervaren. Dat om opvang op de gewone   basisschool zoveel mogelijk te garanderen.

We   proberen zelf uit te dragen en voor te leven dat “iedereen anders is” en   vragen ook aan onze leerlingen om zoveel mogelijk het perspectief van de   ander mee te nemen in hun omgaan met de ander.

Doelstelling

Goede   resultaten en goede kwaliteit (blijkend ook uit betrokken kinderen die   plezier hebben in het schoolgaan)zijn ons doel. Om dat te bereiken gebruiken   we moderne leermethoden en wordt geïnvesteerd in de deskundigheid van onze   leerkrachten.

 

 

 

Doelgroep  

uitstroombestemming

Onderwijsbehoeften  

Extra   ondersteuning

Deskundigheid  

Specifieke   voorzieningen / gebouw

Samenwerking  

Kinderen   in de basisschoolleeftijd

4   t/m 12 jaar die zich binnen de mogelijkheden die de school kan bieden kunnen   ontwikkelen.

 

 

 

Regulier   VO (waar nodig met LWOO).

 

Incidenteel   uitstroom naar Praktijkonderwijs en VSO.

Onderwijsbehoeften   geven aan wat een leerling nodig heeft om onderwijsdoelen te bereiken. De ene   leerling heeft meer leertijd nodig dan de andere, de ene leerling heeft meer   instructie nodig dan de andere. Gegevens uit observaties, gesprekken, toetsen   en analyses worden vertaald naar onderwijsbehoeften. Leerlingen met dezelfde   onderwijsbehoeften worden samengevoegd en de onderwijsbehoeften worden   geformuleerd voor de groep, subgroepen of individuele leerling. Ook aan   leerlingen wordt gevraagd wat zij nodig hebben om tot leren te komen. Opvang   en begeleiding van onze leerlingen vragen om een uitgebalanceerd pedagogisch   en didactisch klimaat. 

ProBaz   scholen willen de zorg bieden die de leerling nodig heeft.

Niveau   1:

Basisondersteuning   in de groep. De leerkracht werkt hier zelfstandig aan.

Extra   ondersteuning voor leerlingen in de groep afgestemd op de onderwijsbehoeften.   De leerkracht zet extra middelen in op didactisch of pedagogisch gebied. Indien   nodig tijdens collegiale consultatie.

Speciale   ondersteuning in de groep. Leerkracht overlegt hierover met de ib-er, tijdens   groeps- en leerlingbesprekingen.

Niveau   2:

Schoolnabije   ondersteuning. De leerling wordt besproken met de ib-er. Indien nodig inzet   andere deskundigen zoals jeugdverpleegkundige, aanvraag onderzoek/begeleiding   door ouders bij een extern bureau of HGPD.

Niveau   3:

Bovenschoolse   ondersteuning. De leerling wordt besproken in het Zorg Advies Team. Het doel   is dat de leerling hulp krijgt binnen de school met externe hulp, evt. in de   vorm van een arrangement. Waarin de onderwijs- en ondersteuningsbehoeften van   de leerling en leerkracht voorop staan en waarbij naar behoefte wordt   samengewerkt met jeugdhulporganisaties.

Niveau   4:

De   extra ondersteuning is de gezamenlijke verantwoordelijkheid van het gehele   team in nauwe samenwerking met de ouders/verzorgers en (Ambulant) begeleiders.   De ondersteuning krijgt zoveel mogelijk vorm in de begeleiding van de   leerling in de klas door de leerkracht en is erop gericht om leerlingen   actief te betrekken bij hun eigen onderwijsleerproces en hun persoonlijke   leerdoelen.

Een   OPP wordt opgesteld in samenspraak met ouders/verzorgers en de leerling zelf,   vanuit het cyclische HGW proces wordt dit meerdere malen per jaar besproken.

Wanneer   blijkt dat gestelde doelen herhaaldelijk niet behaald worden en/of de   basisschool niet kan voldoen aan de onderwijsbehoeften wordt de leerling doorverwezen   naar een school voor speciaal (basis) onderwijs.

 

 

Leerkrachten   akte speciaal onderwijs

Leerkrachten   met als specialisme: ambulante begeleiding van leerlingen met gedragsproblemen,   taal, rekenen, dyslexie.

Leerkrachten:

Kennis   van DCD, ODD, ADHD, ASS, angststoornissen, hechtingstoornissen, depressie,   enz.

Kennis   van HGW / HGPD / OGW.

Jeugdarts.

Jeugdverpleegkundige.

Orthopedagoog.

Onderwijsassistent.

Leescoördinator

Managementtraining.

VVE.

Plusbeleid.

TEC   (NT2)

 

Alle   leerkrachten zijn geschoold in:

Klassenmanagement

HGW

ZIEN

Pedagogische   tact

 

We   hebben ervaring met:

-       Kinderen met   TOS (taal ontwikkelingsstoornissen)

-       Kinderen met   Autisme

-       Kinderen die   eigen leerlijn volgen

-       NT2   leerlingen

 

 

 

 

Speellokaal

Handvaardigheids-

lokaal.

Aangepast   toilet.

Gelijkvloers.

Alle   lokalen hebben een digibord.

TSO   / BSO

Hal,   ruimte voor samenwerken.

 

Tablets   en computers in onderbouw en voor alle leerlingen groep 5 t/m 8 chromebooks.

-Leer   en hulpmiddelen en ICT-software met mogelijkheden van aangepaste materialen.

 

 

CJG

Aan   Zet

GGD

BJZ

Emergis

Juvent

Indigo

REC   1,2,3,4

Politie

Maatschappelijk   werk

Samenwerkings-

Verband   ZV

MKD

Leerplicht-

Ambtenaar

SBO   De Springplank

VO-scholen

Veilig   thuis

Vluchtelingenwerk

 

 

 

 

Verdere   inhoudelijke informatie op het gebied van ondersteuning is te vinden in het
  Handboek Passend Onderwijs  ProBaz en   de schoolgids.